Mudan is Chinees voor boompioen. De 'gewone' heten Xibei Mudan. Rockii's worden Ziban Mudan genoemd wat duidt op de zwarte vlekken in het hart. Gansu Mudan, boompioenen uit Mudan, al dan niet met vlekken zijn de uitzonderlijk vitale, goed geurende, extra prachtige subgroep van Ziban Mudan.
"Heldere dauw op een tweehoornige bloem" bloeit rijk met 20 x 6 cm grote bloemen.
Zeer grote licht geurende gevulde bloemen met zacht gerimpelde bloemblaadjes in een diep donkerrode tot wijnrode kleur.
Boompioenen bloeien niet alleen spectaculair. De eerste jaren ga je trots het aantal bloemen tellen tot dat onbegonnen werk wordt. Ze vormen ook een mooie grillige struik met aantrekkelijk ingesneden blad.
'Rou Fu Rong' is een klassieke Chinese boompioen met reusachtige gevulde bloemen. Deze boompioenen staan al meer dan 20 jaar in onze tuin, dus ze gaan nog makkelijk 80 jaar mee. En ze maken elk jaar meer bloemen.
Ze zijn uitstekend winterhard.
Het enige wat ze nodig hebben is diep-doorlatende lemige grond.
Vrij vertaald: "Zwarte draak met een fantastische bloem in z'n bek."
Ook een rockii maar dan gevuld en gekleurd waardoor je de zwarte basaalvlekken niet ziet.
Deze boompioenen zijn de beste voor ons klimaat omdat ze laat uitlopen hebben ze geen last van nachtvorst.
Klassieke Chinese boompioen met fel roze chrysant-vormige bloemen uit de Central Plains-groep..
Boompioenen zijn zeer langlevend en goed winterhard.
Ze vragen net als rozen en andere pioenen twee of drie keer per jaar bemesting. Wij hebben hiervoor een goede plantaardige meststof.
Ze bloeien op tweejarig hout. Snoei dus alleen beschadigde of kruisende takken.
Dit zaairas heeft misschien wel de grootste bloemen onder de oosterse papavers.
Ze is klassiek donkerrood met een zwart hart, en heeft ranke kale bloemstengels. Ook de rood aangelopen zaaddozen mogen er zijn.
Grootbloemige vaste papaver in een zeer aangenaam zalm-roze.
Papaver orientale verliest in de zomer na de bloei haar blad.
Zet haar dus vooraan in een border. Maar achter een andere plant die het van haar over neemt.
Eenmaal goed aangeslagen vormt ze een makkelijke polvormende vaste plant
Van hetzelfde kaliber als 'Perry's White' even sterk dus, misschien zelfs toch nog witter, met een diep zwart hart.
Na de bloei sterven ze helemaal af om in de herfst weer op te komen.
Met liefde.
'Monocarp' (eenmaal bloeiend), collega's noemen het vaak tweejarig, is net zoiets als 'Carpe Diem' (pluk de dag). Of zoals mijn guru zou zeggen: "You should be diggin' it while it's happening 'Cause it just might be a one-shot deal." (FZ) Meestal is al het tweede jaar een heerlijke wollige wolk op 150 cm hoge purperen stelen je deel.
Ze zaaien zich bovendien rijkelijk uit.
Ik zaai per pot meerdere zaden waardoor je kans hebt op vaker bloei uit dezelfde pot. Genoeg tijd dus voor de zaailingen om het over te nemen.
Een rijk bloeiend fontijngras met dikke wollige aren.
Ze is wat meer natuurlijk van uitstraling dan de meeste voor mij wat al te strakke lampenpoetsers.
In de herfst kleurt het blad oranje, later wordt het donker geel en uiteindelijk resulterend in een beige, zeer goed winterbeeld.
Fijn, strak opgeruimd en uitstekend presterend maar toch nog een beetje losjes.
Het heeft lang geduurd tot ik deze leerde waarderen. Ik vond de lampenpoetsers nogal stijfjes en begon met de wat minder gangbare vormen. In de loop der jaren viel mij op hoe mooi hun winterbeeld is. Tot de winter zijn het nette polletjes die voor siergrassen vrij vroeg bloeien met strakke pluimpjes.
Je ziet ze vaak in grote groepen in de voortuinen van strakke witgeschilderde villa's. Soms met een paar berkenboompjes en verder niets.
Deze schoonheid vormt een flinke pol met forse,. Het is een vroeg bloeiende selectie uit 'National Arboretum'. De forse, tot 6 cm dikke, aren beginnen purper-roze en verkleurem naar bruin-purper het blad krijgt een fijne gele herfstkleur.
De dikke pluimen buigen elegant door en zijn ook heel geschikt voor de vaas of als droogbloem.
Onderhoud: Je knipt ze diep terug in het voorjaar. Dat is alles.
Laag siergras dat elegant breed uitwaaiert en lang bloeit.
Lastig om niet even aan te zitten of het te aaien.
De juiste bloeitijd voor veel prairie stijl combinaties, maar ook prima als solitair.
Eleganter dan de meeste, lampenpoetsers. Ik vind ze bijna allemaal iets te stijfjes.
De dwergvorm van 'Blue Spire'. Deze dingen komen uit de Mongoolse stenige steppe waar ze samen met Eremurus staan. Ze hebben dus niets nodig behalve zon. Kou deert ze ook niet.
Diep snoeien in het voorjaar.
Deze zilveren droom, samen met Echinacea en Verbena, vormt sinds 2010 de ruggengraat van onze prairie border.
Peter Catt van Liss Forest Nursery, Hampshire, Groot-Brittannië is de uitvinder van de beste Russische salie tot nu toe: 'Lacey Blue' en in 2012 introduceerde hij 'Silvery Blue'.
Nog ietsje lager en dus steviger maar vooral vanwege het zeer zilveren blad een opwindende introductie.
Ze zijn allemaal prima winterhard en geurig.
Zilveren Djengis Khan lavendel.
Extra zilver blad en zeer rijke volle bloei kenmerken deze recente dwergvorm gevonden tussen zaailingen van 'Blue Spire'.
Knippen zorgt voor herbloei. Maar doe dat in ieder geval elk voorjaar.
Goed voor een zilveren medaille op Plantarium 2009.
Deze heeft de fijnste wollige bloemen.
Een simpel bruikbaar perfect bodembedekkend ding is dit.
De bloemen verkleuren van zacht roze naar diep purper rood.
Sterk en makkelijk om van die lastige vakjes mee te vullen of voor randjes.
Als ze uitgebloeid raken, wat enig geduld vergt, mag je er met de grasmaaier overheen.
Ik ga hier niet omheen draaien; dit is gewoon een simpele bodembedekker en we zijn er wegens gebrek aan tijd en aandacht nog niet achter welke affinis nu de allerbeste is.
Tot nu toe weten we zeker dat ze onverwoestbaar zijn en allemaal rood en roze tegelijk kunnen bloeien.
Lekker laag zijn ze ook allemaal, dus zijn het perfecte bodembedekkers.
Een stevige op zichzelf staande cultivar met goed gave bloemen in volle aren.
Als allemaal, onverwoestbaar.
Deze selectie uit 2008 van Jan Spruyt is hot.
Een recente introductie van Chris Ghyselen, de Belgische tuinarchitect en tevens Persicaria koning. De meeste van onze Persicaria zijn door hem geselecteerd.
Deze nieuwe bloeit rijk en lang met zeer ranke lange bloemstengels.
Persicaria zijn heel sterk en makkelijk en bloeien meestal tot de eerste vorst waarna ze abrupt in elkaar zakken.
Persicaria amplexicaulis 'Alba' kan het schudden, dit wordt de nieuwe standaard.
Rijke bloei met fijne lange, zeer elegant doorbuigende spitse aren.
Net zo onverwoestbaar als de rest.
Met dank weer aan de specialist Chris Ghyselen.
Kroes is mooi, plat is lekker. Topkoks weten hoe heerlijk zoet Italiaanse peterselie is. Ik zou nog verder willen gaan, wanneer je echt drastisch wilt schiften: aan de peterselie herken je de kok.
Als ze na de winter bloeien worden ze een beetje bitter, maar deze kan zich wel in stand houden door zelf uitzaai.
Wellicht het allerbelangrijkste keukenkruid dat er is.
Nog een keer: peterselie is het allerbelangrijkste keukenkruid dat er is. In de rijke plattelands keuken komt het dagelijks op tafel. Mijn Duitse tante heeft een zeer grote moestuin, alle bedden zijn er omzoomd met deze peterselie. Ze produceert er tonnen van. Voor de winter legt ze peterselie in, in zout. Invriezen voor de winter kan natuurlijk ook.
Persoonlijk vind ik de platte lekkerder.
Deze majestueuze schermbloemige kan een beetje tippen aan Ferula. Dus ze is geweldig.
Het blad komt niet hoger dan 70 cm, de rest vormt het transparante bloemstengel festijn. Die stengels zijn bovendien donker purper.
Een zeer bruikbaar verticaal element voor je border dus. Ik denk daarbij aan prairie hoewel ze oorspronkelijk uit zuid-oost Europa komt.
De combinatie van de aristocratisch oudroze bloemen met het grijs wollig behaard blad met een gele waas is helemaal naar mijn zin.
Prima winterhard, maar kan in een strenge winter bovengronds weg vriezen om daarna opnieuw uit te lopen. (Dat is de afgelopen 10 jaar niet meer gebeurd.)
Onmisbaar in mijn tuin.
Een licht verhoutende, heesterachtige Phlomis soort met ook in de winter heerlijk donkergroen blad en de hele zomer, tot laat in het najaar okergele bloemen.
Uit Turkije, dus bij ons volledig winterhard.
Ze staat al vele jaren, met haar fijne bladkleur en heerlijk donkere bloemen, in onze tuin voor mediterrane sfeer te zorgen.
Phlomis russeliana mag in geen enkele tuin met mediterrane aspiraties ontbreken. De crème gele bloemen in etages maken veel indruk. Het is een warmte uitstralende plant met groot olijfgroen wollig blad. Dat blad heeft bovendien een sterk onkruid werende werking.
Kruidachtig en half-bladhoudend. Best in de zon. Prima winterhard.
Deze wordt wel verward met Phlomis russeliana, Het zijn beide kruidachtige, dus niet verhoutende soorten, maar deze is subtieler van kleur en veel hoger. De verfijnde combinatie van groen-grijs wollig blad met zacht roze met beige bloemen vind ik heel aangenaam. Het is mede vanwege haar hoogte een indrukwekkende plant die soms zelfs de 2m haalt.
Ze is prima winterhard en half bladhoudend.
Turkse salie, uit Griekenland.
Architectuur van het stoerdere, rechtovereind staande soort.
Etage na etage lieflijk roze bloemen aan donkere stelen.
Makkelijk, maar desondanks meer iets voor de gevorderde tuinier omdat alleen die inziet hoe slecht hij zonder deze kan.
Een kussentje gemaakt van heerlijk gekleurde bloemetjes.
Van die heerlijk polletjes voor een warme een beetje droge plek bijvoorbeeld op een muurtje.
Een splinternieuw ouderwets voorjaarsrokje.
Sterk geurende bleek-violetblauwe bloemen aan lage planten. Weinig of geen last van meeldauw.
Te makkelijk voor meer woorden.
Na de bloei mag je ze eens flink knippen.
Aangename blauwe wolkjes.
Geurende witte wolkjes die het voorjaarsgevoel aanjagen.
Heerlijk helder, lichtgevend bijna.
Ze verdraagt schaduw wonderwel.
Veel Phloxen hebben last van drie dingen: tweekleurige bloemen in foute kleuren en meeldauw.
David heeft nergens last van.
De bloemen geuren en kunnen ook op de vaas.
Een sterke witte bordervuller.
Net als de rest van de kruip phloxjes wolkig en laag, maar dan met een vleugje blauw in het wit.
Voor de zachte kleuren border.
Bloemetjes die zichzelf verkopen.
Vijftien centimeter sneeuwgarantie in mei biedt deze een eenvoudige, gemakkelijke vaste plant waar je grote vakken mee kunt vullen.
Ze staat niet graag al te donker of te droog in de zomer.
Maagdelijk wit.
Het donker purperen blad doorstaat milde winters ongeschonden. Mocht het bevriezen, dan krijg je prachtig nieuw blad in het voorjaar. Zoals meestal; hoe kouder, hoe donkerder. De combinatie met de heerlijke paarse bloemetjes is ook geslaagd. De bloemen zijn diep donker en bijzonder groot voor jakobsladder.
Een geweldige nog vrij nieuwe introductie.
'Stairway to heaven'.
Dit inheems schatje heeft me altijd vertederd. Een wonderlijk mooie voorjaarsverassing toch, als dit in je ruig vochtig grasland staat en zich daar dan uitzaait.
Het is bovendien een belangrijk geneeskruid.
Het blad wordt in Spanje gegeten en de bloemen kunnen versuikerd tot snoepjes of in salade.
Echt voorjaar.Groot geluk voor jou en je bijtjes.
Pluot is de samentrekking van plum en apricot een kruising dus van een abrikoos met een Japanse pruim.
Pluot is niet zelf bestuivend. Bestuiving is mogelijk met abrikoos, pruim, sierpruim of een ander ras pluot.
De smaak van de gladde vruchten is bijzonder goed, zeer zoet en complex.
Abrikoos-pruim is in Californië ontwikkeld door Zaiger's Genetics.
Alleen al vanwege de naam maar ook vanwege de fabuleuse smaak zijn we dol op de reusachtige, stokoude 'Schneiders Späte Knorpelkirsche' in onze schapenweide. 'Dönissens', omstreeks 1824 in Duitsland gevonden, is net zo lekker en ook goed productief. De oogst is relatief laat; vanaf eind juli. Bestuiving kan met de meeste andere rassen uitgezonderd 'Kordia' en 'Techlovan'.
De beste gele.
'Kordia' is een goed zelf bestuivende zoete kers met een diep rode, bijna zwarte kleur.
De kersen rijpen in juli en zijn heerlijk zoet en aromatisch van smaak.
Snoei 'Kordia' in het voorjaar in een vaasvorm. Laat vooral horizontale takken uitgroeien.
'Regina' is een kruising uit 1981 van 'Schneiders Späte Knorpelkirsche' (dat zijn de grote kersenbomen op onze kwekerij) met 'Rube'. De kersen hebben een bijzonder goede smaak en aroma en weinig last van barsten, ze rijpen relatief laat, eind juli.
Ze is zelfbestuivend, maar andere kersenrassen in de buurt geven meestal een wat hogere opbrengst.
Dit zijn kleine boompjes, dus goed te verzenden. Omdat ze laag veredeld zijn blijven ze klein.
'Stella' is een vruchtbare, donkerrode, vrij zoete kers met een goede smaak, weinig gevoelig voor barsten.
De kersen rijpen omstreeks half juli.
Ze is zelfbestuivend, maar andere kersenrassen in de buurt kunnen de vruchtzetting bevorderen.
'Stella' is een Canadees ras (1970), van nature vrij compact.
Deze planten zijn bovendien laag geënt, het blijft dus een klein boompje.
'Sylvia' is een vrij late (eind juli), zelf bestuivende zuilvormige zoete kers. Het blijft een smal opgaand, klein boompje, dat weinig snoei vraagt. Als zuilvorm kan ze ook in pot op het terras worden gehouden.
Kruisbestuiving met andere rassen zal de opbrengst verhogen.
In de volle grond hoef je ze ook geen water te geven en vergt ze nog minder onderhoud.
Eindelijk kunnen we ook deze klassieker van voor 1850 uit ons lieve buurland aanbieden. Ze heeft zeer goed smakende grote donkerpaarse vruchten met groen-geel vruchtvlees die vanaf half augustus rijpen. Ze is zeer ziekte resistent.
Ze is prima zelfbestuivend, maar de opbrengst kan worden verhoogd door kruisbestuiving met 'Anna Spath', 'Czar','Monsieur Hatif', Opal', 'Reine Claude d'Althan' en 'Victoria'.
Met mate snoeien in het voorjaar.
De 'Hauszwetsche' is een ziektevrije zelfbestuivende zoete pruim met grote langwerpige vruchten. Het groen-gele vruchtvlees laat goed los van de pit. Ze geeft een goed regelmatige opbrengst.
Ook hier geldt; zelf bestuivend maar geeft nog meer opbrengst met andere rassen in de buurt.
Matig snoeien in het voorjaar of meteen na de oogst.
Voor je Proermevlaai.
Zuilvormige pruimen zijn een recente ontwikkeling. Ze maken hele korte vruchtbare zijtakken waardoor ze als een ± 80 cm brede kolom groeien en snoei vrijwel niet nodig is. Ze kunnen dus ook in pot maar in de volle grond vragen ze veel minder aandacht. 'Mirabelle Ruby' is zelfbestuivend, maar zoals vaak het geval: de opbrengst wordt nog beter wanneer ze worden kruisbestoven, bijvoorbeeld door: 'Mirabelle de Nancy', 'Opal' of 'Victoria'. Het vruchtvlees is geel-rood, de smaak is zoet met een vleugje perzik.
'Opal' is een van onze favoriete pruimen. Ze is gezond, makkelijk en redelijk zelfbestuivend. Ook kan ze als bestuiver een rol spelen voor andere rassen zoals 'Victoria'.
Het vruchtvlees is geel en het velletje heet blauw te zijn, maar dan wel pruimenblauw.
Deze zelffertiele pruim, in 1860 gevonden in Frankrijk, is tamelijk groeikrachtig. Als laagstam blijft ze relatief klein. De grote vruchten rijpen in augustus. Ze zijn zeer zoet, aromatisch en sappig.
Hoewel ze prima zelfbestuivend is kan bestuiving door bijvoorbeeld 'Bleue de Belgique', 'Reine Claude d'Althan' of 'Victoria' de opbrengst nog vergroten.
Ook 'Stanley' is zelf bestuivend. Maar als je er plaats voor hebt plant dan een aantal verschillende rassen, zowel om de oogst te spreiden, de opbrengst te verhogen als omwille van de subtiele smaakverschillen.
De grote ovale, sterk berijpte vruchten rijpen omstreeks eind augustus tot half september.
Na de oogst of in het voorjaar licht snoeien in vaasvorm zodat de zon diep in de kroon kan doordringen.
Nog zo'n lekkere pruim, het ljkt wel of we ze `zelf hebben uitgezocht.
Ook deze is redelijk zelfbestuivend hoewel de vruchtzetting altijd beter is als er een ander ras in de buurt staat. In dit geval bijvoorbeeld 'Opal'.
'Victoria' is zoet- aromatisch. Pruimentijd is het eind augustus.